**1.** De kosten van de in artikel 2 bedoelde behandeling en verpleging worden slechts vergoed, indien en voor zover de belanghebbende niet op grond van andere voorschriften of krachtens overeenkomst op volledige of gedeeltelijke vergoeding van die kosten aanspraak kan maken. Daarbij wordt de in het derde lid bedoelde vaste vergoeding niet in aanmerking genomen.
**2.** Behoudens de in het derde lid bedoelde vaste vergoeding wordt de vergoeding voor behandeling en verpleging verleend volgens door Onze Minister te stellen regelen.
**3.** Voor de bestrijding van kosten van voorzieningen van medisch-sociale aard wordt aan de belanghebbende, die een vermeerdering, bedoeld in de artikelen 10 en 11 van de wet, geniet, jaarlijks een vaste vergoeding toegekend van € 1361,34. Deze vergoeding wordt in maandelijkse termijnen van € 113,45 uitbetaald. Het recht op deze vergoeding gaat in op de eerste dag van de maand waarin bedoelde vermeerdering wordt toegekend, en eindigt met het einde van de maand, waarin de belanghebbende is overleden.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Besluit ex artikel 11a der Wet buitengewoon pensioen 1940-1945· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2002