Naar hoofdinhoud

Paragraaf VII

Artikel 26

Artikel 26

Onderdeel van Rijkswet Noodvoorzieningen Scheepvaart· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De kapitein, de reder of de eigenaar, die opzettelijk niet voldoet aan een hem bij artikel 6, vijfde lid, 9, vierde lid, of 16, vierde lid, opgelegde verplichting, en hij, die opzettelijk belet, belemmert of verijdelt, dat aan zodanige, een ander opgelegde verplichting wordt voldaan, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van € 45.000,–, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 56.000,–, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten een geldboete van ten hoogste AWG 100.000,– onderscheidenlijk ANG 100.000,–. 2. Hij aan wiens schuld te wijten is, dat aan een verplichting als in het vorige lid bedoeld niet wordt voldaan, of dat de nakoming daarvan wordt belet, belemmerd of verijdeld, wordt gestraft met gevangenisstraf of hechtenis van ten hoogste een jaar of geldboete van ten hoogste € 22.500,–, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 28.000,–, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 50.000,– onderscheidenlijk ANG 50.000,–. Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel