**1.** Indien de betrokkene ter zake van een ontslag dat verleend is wegens blijvende ongeschiktheid, uit hoofde van ziekten of gebreken, aanspraak heeft op een pensioen op grond van de pensioenwet berekend naar een algemene invaliditeit van minder dan 80%, dan wel een uitkering overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van minder dan 80%, wordt het geldende bedrag van het wachtgeld, toegekend ter zake van hetzelfde ontslag, met het hierna genoemde percentage verminderd. Deze vermindering bedraagt bij een invaliditeitsgraad van
65% tot 80%:
80%;
55% tot 65%:
60%;
45% tot 55%:
50%;
35% tot 45%:
40%;
25% tot 35%:
30%;
15% tot 25%:
20%;
minder dan 15%:
0%.
**2.** De som van het in het eerste lid bedoelde pensioen dan wel de uitkering en het verminderde wachtgeld bedraagt voorts niet meer dan het onverminderde wachtgeld dat wordt genoten indien er geen sprake is van samenloop. Ingeval van overschrijding van bedoeld onverminderd wachtgeld wordt het overschrijdende bedrag op het verminderde wachtgeld in mindering gebracht.
Artikel 16
Samenloop van wachtgeld en invaliditeitspensioen dan wel uitkering wegens arbeidsongeschiktheid
Onderdeel van Besluit vaststelling algemene maatregel van bestuur ex artikel 23 Wet gemeentelijke herindeling Noordwest-Overijssel· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1994