Ten aanzien van de erkende gewetensbezwaarden die zijn tewerkgesteld elders dan bij een overheidsdienst uitsluitend of in hoofdzaak voor tewerkstelling van erkende gewetensbezwaarden bestemd, wordt als autoriteit bevoegd tot het opleggen van disciplinaire straffen, genoemd in artikel 33 van de wet, aangewezen: het hoofd van de Afdeling tewerkstelling erkende gewetensbezwaarden militaire dienst van het ministerie van Sociale Zaken, bij diens afwezigheid of ontstentenis het plaatsvervangend hoofd van genoemde afdeling en bij hun beider afwezigheid of ontstentenis, de eerste medewerker van het Bureau Straf-, tucht-en beroepszaken van genoemde afdeling.’
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Aanwijzing autoriteiten met betrekking tot disciplinaire straffen en beklag· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 14 januari 1981