Indien de vervolgde, na beeindiging van het al dan niet voltooide onderwijs, arbeid heeft aanvaard, welke niet in overeenstemming is met het niveau van het gevolgde onderwijs en de vervolgde uit die arbeid een inkomen geniet of heeft genoten dat ten tijde van de aanvraag minder bedraagt of zou hebben bedragen dan het inkomen dat hij op grond van dat onderwijs redelijkerwijs ten tijde van de aanvraag had kunnen verdienen, kan de grondslag worden vastgesteld overeenkomstig de artikelen 2-4.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Vaststelling grondslagen voor uitkeringen aan vervolgden· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 13 juni 1975