**1.** Een uitgevende instelling kan:
een centraal instituut schriftelijk verzoeken tot verstrekking van de naam, het adres, en, indien aanwezig, het e-mailadres van iedere aangesloten instelling die als deelgenoot in het girodepot gerechtigd is tot door de uitgevende instelling of met haar medewerking uitgegeven effecten met een aandelenkarakter, alsmede van het tegoed van iedere aangesloten instelling luidend in zodanige effecten in dat girodepot;
een intermediair van wie de uitgevende instelling weet of redelijkerwijs mag aannemen dat deze een verzameldepot houdt van door de uitgevende instelling of met haar medewerking uitgegeven effecten met een aandelenkarakter, schriftelijk verzoeken tot verstrekking van de naam, het adres en, indien aanwezig, het e-mailadres van iedere deelgenoot in dat verzameldepot alsmede van het tegoed van iedere deelgenoot luidend in zodanige effecten in dat verzameldepot;
een instelling in het buitenland van wie de uitgevende instelling weet of redelijkerwijs mag aannemen dat zij, beroepsmatig en anders dan als aandeelhouder, door de uitgevende instelling of met haar medewerking uitgegeven effecten met een aandelenkarakter bewaart, administreert of aanhoudt, schriftelijk verzoeken tot verstrekking van de naam, het adres, het tegoed luidend in zodanige effecten en, indien aanwezig, het e-mailadres van iedere cliënt voor wie zij een tegoed luidend in effecten met een aandelenkarakter bewaart, administreert of aanhoudt alsmede van het tegoed van iedere cliënt luidend in zodanige effecten dat bij de instelling wordt aangehouden; of
een bewaarder van een beleggingsinstelling als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht van wie de uitgevende instelling weet of redelijkerwijs mag aannemen dat hij door de uitgevende instelling of met haar medewerking uitgegeven effecten met een aandelenkarakter bewaart, administreert of aanhoudt, schriftelijk verzoeken tot verstrekking van de naam, het adres en, indien aanwezig, het e-mailadres van de beheerder van die beleggingsinstelling alsmede van het tegoed van de beheerder luidend in zodanige effecten dat bij de bewaarder wordt aangehouden.
**2.** Degene tot wie het verzoek als bedoeld in het eerste lid zich richt, verstrekt geen informatie over aandeelhouders die elk minder dan een tweehonderdste deel van het geplaatste kapitaal van een uitgevende instelling vertegenwoordigen.
**3.** De uitgevende instelling doet een verzoek als bedoeld in het eerste lid alleen in een periode vanaf zestig dagen tot en met de dag van een algemene vergadering van aandeelhouders. De uitgevende instelling vermeldt in het verzoek de peildatum waarop het verzoek, bedoeld in het eerste lid, is gericht.
**4.** Degene tot wie het verzoek, bedoeld in het eerste lid, is gericht, beantwoordt dit binnen drie werkdagen na ontvangst door middel van verstrekking van de verzochte gegevens of een verklaring dat hij geen door of met medewerking van de verzoeker uitgegeven effecten met een aandelenkarakter administreert of aanhoudt. Indien de geadresseerde wegens omstandigheden die buiten zijn macht liggen niet in staat is tot beantwoording binnen de genoemde termijn informeert hij de verzoeker daarover binnen drie werkdagen na ontvangst van het verzoek, onder vermelding van de reden en de termijn waarbinnen het verzoek beantwoord zal worden. De termijn bedraagt maximaal zeven werkdagen gerekend vanaf het moment van ontvangst van het verzoek.
**5.** Op schriftelijk verzoek, gedaan in een periode vanaf zestig dagen tot de tweeënveertigste dag voor die van de algemene vergadering, van een aandeelhouder die op het moment van het verzoek alleen of gezamenlijk met andere aandeelhouders tenminste een tiende gedeelte van het geplaatste kapitaal van een uitgevende instelling vertegenwoordigt, identificeert de uitgevende instelling aandeelhouders van door haar of met haar medewerking uitgegeven effecten met een aandelenkarakter door middel van het doen van verzoeken als bedoeld in het eerste lid.
**6.** Uiterlijk op het moment van het eerste verzoek als bedoeld in het eerste lid doet de uitgevende instelling hierover een mededeling op haar website, onder vermelding van de mogelijkheid van verzending van informatie overeenkomstig artikel 49c, de mogelijke data van die verzending en de uiterlijke data voor terbeschikkingstelling van informatie door aandeelhouders.
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop een verzoek op grond van het eerste of vijfde lid wordt gedaan en beantwoord.
Hoofdstuk 3a
Artikel 49b
Artikel 49b
Onderdeel van Wet giraal effectenverkeer· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 april 2016