Bij de vaststelling van de pensioengrondslag wordt, indien sprake is van lager of middelbaar beroepsonderwijs, dan wel van algemeen voortgezet of voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, uitgegaan van het inkomen, dat de belanghebbende bij voltooiing van vorenvermeld onderwijs in het jaar van indiening van de in artikel 24, eerste lid, der wet bedoelde aanvraag uit arbeid in een met de opleiding overeenstemmend beroep en/of functie zou hebben verdiend.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Besluit tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1978