Het in artikel 1 omschreven wapen, voorzien van zijn uitwendige versierselen kan worden geplaatst op een mantel van purper, geboord van goud, gevoerd met hermelijn, opgebonden met koorden eindigende in kwasten, beide van goud, en gedekt door een baldakijn van purper geboord van goud, en dragende de Koninklijke kroon.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Besluit tot het voeren van het Koninklijk wapen· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 19 mei 1980