Voor de toepassing van deze wet met uitzondering van de artikelen 4, 8, 9 en 19 wordt verstaan onder:
woning: een gebouwde onroerende zaak of een gedeelte daarvan, die een zelfstandige woongelegenheid vormt;
gebouw: gebouw als bedoeld in artikel 1, van de Woningwet;
eigenaar: degene, die bevoegd is tot het in gebruik geven van een woning of een gebouw;
leegstaan: het niet of niet krachtens een zakelijk of persoonlijk recht in gebruik zijn alsmede een gebruik dat de kennelijke strekking heeft afbreuk te doen aan de werking van deze wet;
Onze Minister: Onze Minister, belast met de zorg voor de volkshuisvesting;
leegstandverordening: leegstandverordening als bedoeld in artikel 2.
Hoofdstuk I
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Leegstandwet· Wonen, onroerend goed, bouwrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2015