**1.** Zo spoedig mogelijk na aanstelling legt de militair de volgende eed of belofte af:
«Ik zweer (beloof) trouw aan de Koning, gehoorzaamheid aan de wetten en onderwerping aan de krijgstucht.
Zo waarlijk helpe mij God Almachtig (Dat beloof ik)».
**2.** In afwijking van het eerste lid legt de militair die bij zijn aanstelling is aangewezen voor het volgen van een initiële opleiding, de eed of belofte af zo spoedig mogelijk na het voltooien van die opleiding.
**3.** Indien de militair ingevolge een eerdere aanstelling reeds de eed of belofte heeft afgelegd, wordt deze niet opnieuw afgelegd.
Hoofdstuk 11a
Artikel 126a
Afleggen eed of belofte
Onderdeel van Algemeen militair ambtenarenreglement· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 12 april 2017