De in artikel 154a bedoelde militair die de uit zijn aanstelling voortvloeiende verplichting heeft volbracht, of daaraan – nadat hij met gunstig resultaat zijn opleiding heeft voltooid – niet heeft kunnen voldoen door een naar het oordeel van Onze minister niet aan hemzelf te wijten oorzaak, kan op zijn aanvraag na de datum van ingang van zijn ontslag, naar bij ministeriële regeling te stellen regels, in het genot worden gesteld van een studietoelage, indien hij met het oog op het uitoefenen van een beroep in de burgermaatschappij aan een in Nederland gevestigde en erkende onderwijsinstelling niet-schriftelijk wetenschappelijk, algemeen vormend of vak onderricht volgt.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 8 november 2007 tot wijziging van de Militaire
ambtenarenwet 1931 en intrekking van de Wet voor het reservepersoneel
der krijgsmacht in verband met onder andere de invoering van een
flexibel personeelssysteem voor de krijgsmacht in werking
treedt.
Hoofdstuk 12 › Paragraaf 1
Artikel 154h
Studietoelagen
Onderdeel van Algemeen militair ambtenarenreglement· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2008