**1.** Op aanvraag van de militair beslist Onze Minister dat gedurende een vooraf vastgestelde periode, geen gebruik wordt gemaakt van de opschorting, bedoeld in het vierde lid van artikel 87f.
**2.** Bij de beslissing op de aanvraag wordt in ieder geval rekening gehouden met:
de aard van de huidige functie;
de capaciteit aan inzet gereed personeel van de eenheid;
het vaar-, vlieg- en oefenprogramma van de eenheid; en
de planning van de inzet van de eenheid.
**3.** De periode, bedoeld in het eerste lid, vangt aan binnen een redelijke termijn, doch uiterlijk binnen drie jaren na de beslissing op de aanvraag, en voor zover noodzakelijk onder toewijzing van een andere functie.
**4.** De vooraf vast te stellen periode bedraagt in totaal maximaal zes jaar, doch deze periode kan worden gesplitst in meerdere periodes van minimaal één jaar.
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van dit artikel.
Hoofdstuk 8 › Paragraaf 4c
Artikel 87g
Toepassing opschorting buitengewoon verlof in het kader van deeltijdarbeid
Onderdeel van Algemeen militair ambtenarenreglement· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 16 juli 2026