Aan leden van hulpverleningsdiensten uit het buitenland, die in het kader van daartoe door Nederland afgesloten internationale overeenkomsten op Nederlands grondgebied bijstand verlenen bij het bestrijden van rampen en ongevallen, wordt vrijstelling verleend van het vereiste van een machtiging voor de aanleg, de aanwezigheid en het gebruik van de door hen meegevoerde zendinrichtingen, voorzover wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 11.
Hoofdstuk IV
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Regeling vrijstelling machtiging zendinrichtingen niet-ingezetenen· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 19 juli 1995