Naar hoofdinhoud

Afdeling I › Hoofdstuk A › § 2

Artikel A 3

Artikel A 3

Onderdeel van Kieswet· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

1. De Kiesraad heeft tot taak: op te treden als centraal stembureau in de gevallen waarin de wet dat voorschrijft; de regering en de beide kamers der Staten-Generaal van advies te dienen in aangelegenheden die de verkiezingen of uitvoeringstechnische aangelegenheden die het kiesrecht betreffen; zorg te dragen voor programmatuur die bij de verkiezingen wordt gebruikt overeenkomstig de bij of krachtens deze wet te stellen bepalingen; de kwaliteit van de uitvoering van het verkiezingsproces te bevorderen in de gevallen waarin de wet dat voorschrijft; de uitslagen van de op basis van deze wet gehouden verkiezingen te verzamelen en op een algemeen toegankelijke wijze te ontsluiten; de overige in deze wet aan hem opgedragen taken ten uitvoer te leggen. 2. De taak, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt door de voorzitter, de daartoe aangewezen leden en de buitengewone leden van de Kiesraad uitgeoefend. 3. Indien het een verkiezing betreft als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden de taken en bevoegdheden, bedoeld in de artikelen A 12, A 13, Ea 10, Ea 11 en Ea 12 uitgeoefend door een ondervoorzitter en daartoe aangewezen leden van de Kiesraad die niet tevens belast zijn met de uitoefening van de taak, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.

Rechtspraak bij dit artikel