- **1.** De bestuurder mag zijn voertuig niet laten stilstaan:
- - **a.** op een kruispunt of een overweg;
- - **b.** op een fietsstrook of op de rijbaan langs een fietsstrook;
- - **c.** op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan;
- - **d.** in een tunnel;
- - **e.** bij een bord bushalte ter hoogte van de geblokte markering dan wel, ingeval die markering niet is aangebracht, op een afstand van minder dan 12 meter van het bord;
- - **f.** op de rijbaan langs een busstrook en
- - **g.** langs een gele doorgetrokken streep.
- **2.** Onderdeel e van het eerste lid geldt niet voor het onmiddellijk laten in- en uitstappen van passagiers.
Hoofdstuk II › § 9
Artikel 23 RVV
Onderdeel van Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1995
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 23 RVV bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon