**1.** Het hoofd van dienst stelt, met inachtneming van het in artikel 33 bepaalde en op overeenkomstige wijze als hij ten aanzien van de werknemers bij de dienst doet, de tijdstippen vast waarop de dagelijkse dienst en de pauzes aanvangen en eindigen.
**2.** Onverminderd het in het eerste lid bepaalde, houdt het hoofd van dienst bij het vaststellen van de tijdstippen waarop de dagelijkse dienst aanvangt en eindigt, zoveel mogelijk rekening met de wekelijkse rustdag zoals die geldt voor de geloofsgemeenschap, waartoe de tewerkgestelde behoort.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1
Artikel 34
Werk- en rusttijden
Onderdeel van Reglement rechtstoestand tewerkgestelden· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 31 mei 1992