Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1

Artikel 6

Vakantie-uitkering

Onderdeel van Reglement rechtstoestand tewerkgestelden· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 31 mei 1992

1. De tewerkgestelde heeft recht op een vakantie-uitkering van 8% over het hem per maand toekomende zakgeld. 2. De vakantieuitkering wordt berekend over een periode van 12 maanden, aanvangende met de maand juni van het voorafgaande jaar. De uitkering wordt in de maand mei uitbetaald. 3. In afwijking van het in het tweede lid bepaalde wordt, indien de tewerkgestelde de tewerkstelling voortijdig beëindigt met toepassing van artikel 47 dan wel aan hem groot verlof of tussentijds ontslag van alle verplichtingen uit de vervangende dienst wordt verleend, de vakantieuitkering berekend over de periode waarover deze nog niet is genoten, en zo spoedig mogelijk uitbetaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel