**1.** In bijzondere wetten wordt alleen afgeweken van algemene wetten, indien dit noodzakelijk is. De afwijking wordt in de bijzondere wet opgenomen en als zodanig benoemd, tenzij uit de algemene wet volgt dat de afwijking in de algemene wet moet worden opgenomen. Een afwijking wordt in de memorie van toelichting bij de bijzondere wet gemotiveerd.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op aanvullingen in bijzondere wetten op een regeling in een algemene wet die uitputtend is bedoeld.
Toelichting
Eerste lid. Met algemene wetten worden bedoeld wetten die algemene regels voor een rechtsgebied of een deelterrein daarvan geven. Bij algemene wetten voor een rechtsgebied valt in ieder geval te denken aan:
de wetboeken (wetten waarvan het woord wetboek deel uitmaakt van hun titel)
de Algemene termijnenwet
de Algemene wet bestuursrecht
de Bekendmakingswet
de Gemeentewet
de Provinciewet
de Waterschapswet
de Kaderwet adviescolleges
de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen
de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming
de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties
de Dienstenwet
de Wet op de economische delicten
de Wet op de rechterlijke organisatie
de Wet open overheid
de Algemene wet op het binnentreden.
Als algemene wetten voor een deelterrein moeten onder andere worden beschouwd:
de Algemene wet inzake rijksbelastingen
de Wet financiering sociale verzekeringen
de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
Een voorbeeld van een wet die bepaalt dat de afwijking in de algemene wet moet worden opgenomen, is de Wet open overheid (Woo). In artikel 8.8 Woo is vastgelegd dat een aantal artikelen van de Woo niet geldt voor informatie waarvoor een bepaling geldt die is opgenomen in de bijlage bij de Woo. Een ander voorbeeld heeft betrekking op de bijlagen bij de Awb, zie hierover aanwijzing 5.49.
Zie voor de formulering van bepalingen die afwijken van algemene wetten ook aanwijzing 3.35 over de terminologie ‘in afwijking van’.
Tweede lid. Een voorbeeld is de introductie in bijzondere wetgeving van toezichtsbevoegdheden die aanvullend zijn op de bevoegdheden van de Algemene wet bestuursrecht: er wordt in dat geval expliciet afgewogen of de te verwachten resultaten van toepassing van de bevoegdheid niet met behulp van bestaande bevoegdheden kunnen worden bereikt, in hoeverre de bevoegdheid uitvoerbaar en effectief kan zijn en in hoeverre de bevoegdheid proportioneel is. Daarin worden de ervaringen met de handhaving, de aard van de overtreding, de aard van de doelgroep, de aard van het toezicht en het karakter van de aanvullende bevoegdheid meegewogen.
Hoofdstuk 2 › § 2.8
Artikel 2.46
Afwijking van algemene wetten
Onderdeel van Aanwijzingen voor de regelgeving· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2024