Naar hoofdinhoud

§ 1

Artikel 1

Artikel 1

Onderdeel van Besluit jaarrekening banken· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 28 mei 1993

1. Onder de activa worden afzonderlijk opgenomen: de kas, de tegoeden op girorekeningen en de onmiddellijk opeisbare tegoeden bij centrale banken in landen waar de bank een vestiging heeft; de waardepapieren uitgegeven door publiekrechtelijke lichamen met een oorspronkelijke looptijd van ten hoogste twee jaar, die herfinancierbaar zijn bij de centrale bank; de vorderingen; de verhandelbare, uitgegeven waardepapieren met een vaste of van de rentestand afhankelijke rente; de aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren; de deelnemingen; de immateriële activa, op overeenkomstige wijze als bepaald in artikel 365 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek; de materiële vaste activa; de overige activa; de van aandeelhouders opgevraagde stortingen; de overlopende activa. 2. Onder de passiva worden afzonderlijk opgenomen: de schulden, al dan niet in verhandelbare schuldbewijzen belichaamd; de overlopende passiva, voor zover zij niet onder de schulden zijn vermeld; de voorzieningen, op de wijze bepaald in artikel 374 leden 1, 2 en 4 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek; de achtergestelde schulden; het eigen vermogen, op overeenkomstige wijze als bepaald in artikel 373 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. 3. Buiten de balanstelling worden opgenomen de voorwaardelijke schulden en de onherroepelijke toezeggingen die tot een kredietrisico kunnen leiden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel