**1.** Aan ambtenaren wordt, behoudens in zeer bijzondere gevallen, bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd door de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 112, eerste of tweede lid, het ontslag als bedoeld in artikel 121, eerste lid onder h, verleend met ingang van de eerstvolgende maand.
**2.** Dit artikel is niet van toepassing:
op personen, die krachtens reeds bestaande wettelijke voorschriften bij het bereiken van een bepaalde leeftijd, behoudens toepassing van overgangsbepalingen, uit de functie worden ontslagen;
op personen die de functie als nevenbetrekking bekleden.
Hoofdstuk 10
Artikel 122
Pensioengerechtigde leeftijd
Onderdeel van Burgerlijk ambtenarenreglement defensie· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 24 november 2018