Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 11

Artikel 134

RVU-uitkering

Onderdeel van Burgerlijk ambtenarenreglement defensie· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 17 januari 2025

1. De ambtenaar aan wie RVU-ontslag is verleend, heeft vanaf de datum van ontslag aanspraak op de RVU-uitkering. 2. De ambtenaar heeft recht op de RVU-uitkering ter hoogte van het bedrag per maand, bedoeld in artikel 32ba, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting 1964. 3. Bij een deeltijdaanstelling wordt de RVU-uitkering vastgesteld op een evenredig deel van de aanspraak bij een volledige aanstelling. 4. De RVU-uitkering wordt gedurende de looptijd van de uitkering aangepast overeenkomstig wijzigingen van het in artikel 32ba, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 genoemde bedrag. 5. De RVU-uitkering eindigt met ingang van de dag: waarop de ambtenaar weer in dienst treedt bij het ministerie van Defensie, of; waarop de ambtenaar diens geldende pensioengerechtigde leeftijd bereikt, of; volgende op de dag waarop de ambtenaar overlijdt. 1. De ambtenaar aan wie RVU-ontslag is verleend, heeft vanaf de datum van ontslag aanspraak op de RVU-uitkering. 2. De ambtenaar heeft recht op de RVU-uitkering ter hoogte van het bedrag per maand, bedoeld in artikel 32ba, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting 1964. 3. Bij een deeltijdaanstelling wordt de RVU-uitkering vastgesteld op een evenredig deel van de aanspraak bij een volledige aanstelling. 4. De RVU-uitkering wordt gedurende de looptijd van de uitkering aangepast overeenkomstig wijzigingen van het in artikel 32ba, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 genoemde bedrag. 5. De RVU-uitkering eindigt met ingang van de dag: waarop de ambtenaar weer in dienst treedt bij het ministerie van Defensie, of; waarop de ambtenaar diens geldende pensioengerechtigde leeftijd bereikt, of; volgende op de dag waarop de ambtenaar overlijdt.

Rechtspraak bij dit artikel