Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › § 2 › Subparagraaf

Artikel 46

Aanvragen van buitengewoon verlof

Onderdeel van Burgerlijk ambtenarenreglement defensie· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 2 augustus 2006

1. Behoudens in dringende gevallen moet buitengewoon verlof van korte duur ten minste 24 uren tevoren schriftelijk of mondeling worden aangevraagd. 2. Indien de ambtenaar, die niet vooraf een aanvraag voor buitengewoon verlof van korte duur bij de commandant heeft ingediend, aantoont, dat hij daartoe geen gelegenheid heeft gehad, terwijl er voor zijn afwezigheid gegronde redenen bestonden, wordt deze afwezigheid beschouwd als buitengewoon verlof met behoud van volle bezoldiging. 3. Een gegronde reden als bedoeld in het tweede lid is slechts aanwezig: indien één der in de voorgaande artikelen genoemde omstandigheden aanwezig is geweest, op grond waarvan aan de ambtenaar op zijn aanvraag buitengewoon verlof wordt verleend, zulks met inachtneming van de daarbij vermelde voorwaarden en termijnen; in alle andere gevallen, indien de ambtenaar, alle omstandigheden in aanmerking genomen, redelijkerwijze de dienst mocht verzuimen.

Rechtspraak bij dit artikel