Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3a › § 3a.1

Artikel 33da

Artikel 33da

Onderdeel van Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2017

1. De aanspraak op wettelijke vakantie-uren vervalt na afloop van één jaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan. 2. Indien de rechterlijk ambtenaar redelijkerwijs niet in staat is geweest de wettelijke vakantie-uren binnen de in het eerste lid genoemde termijn op te nemen, staat de functionele autoriteit toe dat van het eerste lid wordt afgeweken. In dat geval vervalt de aanspraak alsnog na verloop van vijf jaren na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan. 3. De aanspraak op bovenwettelijke vakantie-uren vervalt na verloop van vijf jaren na de laatste dag van het kalenderjaar waarin deze aanspraak is ontstaan. Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

Rechtspraak bij dit artikel