**1.** Een schip mag slechts deelnemen aan de scheepvaart, indien het bestuurd wordt door een daartoe bekwaam en tenminste 16 jaar oud persoon.
**2.** De bepaling betreffende de leeftijd geldt niet:
voor een zeilschip met een lengte van minder dan 7 m;
voor een door spierkracht voortbewogen schip.
**3.** In afwijking van het eerste lid mag een snelle motorboot slechts deelnemen aan de scheepvaart indien deze bestuurd wordt door een daartoe bekwaam en tenminste 18 jaar oud persoon of door een bekwaam persoon van tenminste 16 jaar oud bijgestaan door een stuurbekwaam persoon van tenminste 18 jaar oud.
**4.** Indien een snelle motorboot wordt gebruikt voor het trekken van één of meerdere waterskiërs moet de bestuurder worden vergezeld van een medeopvarende van tenminste 15 jaar oud.
**5.** De bestuurder van een snelle motorboot is verplicht tijdens het varen te zijn gezeten op de voor de bestuurder bestemde zitplaats.
**6.** Een schip mag slechts deelnemen aan de scheepvaart, indien diegene die het sturen verricht in de gelegenheid is alle in de stuurhut binnenkomende of van daar uitgaande inlichtingen en aanwijzingen te vernemen en te geven. In het bijzonder dient hij naar alle zijden een voldoende vrij direct of indirect uitzicht te hebben en in de gelegenheid te zijn geluidsseinen te horen; indien dit niet mogelijk is, dient een uitkijk of luisterpost die hem inlicht aanwezig te zijn.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.09
Sturen van een schip
Onderdeel van Scheepvaartreglement Gemeenschappelijke Maas· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 mei 1994