Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.20

Hinderlijke waterbeweging

Onderdeel van Scheepvaartreglement Gemeenschappelijke Maas· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 1994

Een schip moet zijn snelheid zodanig regelen, dat hinderlijke waterbeweging waardoor schade aan een varend of een stilliggend schip of aan een werk zou kunnen worden veroorzaakt wordt vermeden. Het moet tijdig zijn snelheid verminderen, echter niet beneden de snelheid nodig voor het veilig sturen: voor een havenmond; in de nabijheid van een schip dat gemeerd is aan de oever of aan een ontschepingsplaats dan wel dat wordt geladen of gelost; in de nabijheid van een schip dat op een gebruikelijke ligplaats stilligt; bij het voorbijvaren van een schip als bedoeld in de artikelen 3.27 en 3.41 aan de zijde waar de tekens van het eerste lid onder c van elk dezer artikelen worden getoond. Het moet voorts zover mogelijk daarvan verwijderd blijven.

Rechtspraak bij dit artikel