Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.31

Geluidssein van een schip dat stilligt of dat is vastgevaren

Onderdeel van Scheepvaartreglement Gemeenschappelijke Maas· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 1994

1. Een schip, dat in het vaarwater of in de nabijheid daarvan op een gevaarlijke plaats gestrekt langs de zijde van het vaarwater stilligt, moet het geluidssein van een naderend schip telkens beantwoorden door het geven van: één reeks klokslagen. Het schip mag dit sein geven zonder dat het geluidssein van een naderend schip wordt gehoord. 2. Een schip, dat in het vaarwater of in de nabijheid daarvan op een gevaarlijke plaats stilligt en dat zich niet gestrekt langs de zijde van het vaarwater bevindt, moet geven: één reeks klokslagen. Het schip moet dit sein herhalen met tussenpozen van ten hoogste één minuut. 3. De verplichting, bedoeld in het eerste en in het tweede lid, geldt niet voor een schip dat in een haven stilligt, of dat stilligt op een door de bevoegde autoriteit daartoe aangewezen plaats.

Rechtspraak bij dit artikel