De Voorzitter geeft aan de Gevolmachtigde Ministers van de Nederlandse Antillen en van Aruba en de bijzondere gedelegeerden het woord zodra en zo vaak zij zulks verlangen, echter niet vóórdat de spreker, die aan het woord is, zijn rede heeft geëindigd.
Hoofdstuk VII
Artikel 51
Artikel 51
Onderdeel van Reglement van Orde voor de Verenigde Vergadering der Staten-Generaal· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 22 maart 1994