**1.** De tussenruimte tussen het motorschip aan de kop van een sleep en de eerste gesleepte lengte mag niet meer dan 120 m bedragen. In een opvarende sleep die slechts één gesleepte lengte bevat, waarvan het laadvermogen meer dan 600 ton bedraagt, mag deze tussenruimte evenwel worden vergroot tot 200 m.
**2.** De tussenruimte tussen twee gesleepte lengten mag niet meer bedragen dan 100 m.
**3.** De tussenruimte tussen twee motorschepen aan de kop van een sleep mag niet meer bedragen dan 120 m.
Deel I › Hoofdstuk 8
Artikel 8.08
Samenstellen van slepen
Onderdeel van Rijnvaartpolitiereglement 1995· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1995