Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 31

Artikel 31

Onderdeel van Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013

1. De buitengewoon opsporingsambtenaar zorgt ervoor dat hij blijft beschikken over de bekwaamheid en de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. Hij werkt mee aan de regelmatige toetsing van de bekwaamheid en volgt in door Onze Minister te bepalen gevallen een bijscholingsprogramma waarmee deze heeft ingestemd. 2. De buitengewoon opsporingsambtenaar woont de door de direct toezichthouder aangewezen bijeenkomsten bij, waarin onderricht wordt gegeven in zaken welke verband houden met de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. 3. Indien de uitoefening van politiebevoegdheden mede het gebruik van bepaalde geweldmiddelen, als bedoeld in artikel 37, derde lid, van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren, omvat, oefent de buitengewoon opsporingsambtenaar met die middelen. Abusievelijk is voor het derde lid een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel