**1.** De opsporingsbevoegdheid vervalt met ingang van de dag na de datum waarop
de titel van opsporingsbevoegdheid vervalt of wijzigt, tenzij de akte van beëdiging is gewijzigd als bedoeld in artikel 23, tweede lid, onder a;
is vastgesteld dat de bekwaamheid of betrouwbaarheid voor de uitvoering van opsporingsbevoegdheden niet meer aanwezig is;
is vastgesteld dat het dienstverband met de werkgever is beëindigd, dan wel dat de opsporing van strafbare feiten geen onderdeel meer uitmaakt van de functie van de desbetreffende persoon;
door Onze Minister de opsporingsbevoegdheid van de desbetreffende persoon is beëindigd.
**2.** Onze Minister kan de opsporingsbevoegdheid van een buitengewoon opsporingsambtenaar beëindigen
op een daartoe strekkende aanvraag van de werkgever of van de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar;
indien de buitengewoon opsporingsambtenaar misbruik maakt van zijn bevoegdheden;
indien de buitengewoon opsporingsambtenaar de aanwijzingen van het bevoegd gezag, de toezichthouder en de direct toezichthouder niet nakomt;
indien de buitengewoon opsporingsambtenaar heeft gehandeld in strijd met enige andere bepaling bij of krachtens dit besluit of voor zover op hem van toepassing, de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren.
**3.** Onze Minister kan de opsporingsbevoegdheid van een buitengewoon opsporingsambtenaar opschorten voor de duur van het onderzoek naar de in het tweede lid, onder b tot en met d, genoemde handelingen.
Abusievelijk is voor het tweede lid een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Hoofdstuk 6 › § 1
Artikel 35
Artikel 35
Onderdeel van Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013