**1.** Een akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid worden ingetrokken op aanvraag van de werkgever of indien de noodzaak, bedoeld in artikel 4, eerste lid, niet meer aanwezig is.
**2.** De intrekking, bedoeld in het eerste lid, geschiedt door degene die de akte van opsporingsbevoegdheid of de aanvullende opsporingsbevoegdheid heeft verleend, dan wel de aanwijzing heeft gedaan.
Hoofdstuk 2 › § 1
Artikel 8
Artikel 8
Onderdeel van Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 7 december 1994