**1.** De uitzondering in artikel 59, derde lid, van de wet voor installaties voor stadsverwarming waarbij grotendeels gebruik wordt gemaakt van de warmtebronnen, bedoeld in dat lid, is mede van toepassing indien tijdelijk niet aan die voorwaarde kan worden voldaan in verband met een calamiteit die betrekking heeft op de installatie voor stadsverwarming.
**2.** Het eerste lid is van toepassing indien de inspecteur op verzoek van de verbruiker, bedoeld in artikel 59, derde lid, van de wet, of de leverancier van het aardgas bij voor bezwaar vatbare beschikking een ontheffing heeft verleend van de voorwaarde die dat lid aan de uitzondering verbindt. De ontheffing wordt verleend voor een periode van ten hoogste drie jaar.
**3.** De ontheffing wordt slechts verleend indien bij het verzoek om ontheffing stukken zijn overgelegd waaruit blijkt:
waarom tijdelijk niet kan worden voldaan aan de voorwaarde die artikel 59, derde lid, van de wet aan de uitzondering verbindt;
dat de calamiteit redelijkerwijs niet kon worden voorzien; en
welke maatregelen worden genomen die redelijkerwijs kunnen worden verwacht om weer te voldoen aan de voorwaarde die artikel 59, derde lid, van de wet aan de uitzondering verbindt.
Hoofdstuk VI
Artikel 21ab
Artikel 21ab
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit belastingen op milieugrondslag· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026