**1.** Het bureau verstrekt aan de octrooihouder een bewijs dat, naast de verklaring dat octrooi is verleend, bevat:
de naam, de voornamen en de woonplaats - of, indien het een rechtspersoon betreft, de naam en de woonplaats - van de octrooihouder;
de korte aanduiding van de uitvinding;
de dagtekening van het octrooi en het nummer, waaronder van de verlening daarvan aantekening in het octrooiregister is gedaan;
het volgnummer en de datum van indiening van de aanvrage, alsmede, indien het betreft een octrooi, verleend ingevolge een afzonderlijke aanvrage als in artikel 28 van de wet bedoeld, de vorenbedoelde gegevens van de oorspronkelijke aanvrage;
de vermelding van het recht van voorrang;
de datum, waarop de termijn, bedoeld in artikel 33, vijfde lid, of artikel 36, vijfde lid, van de wet eindigt.
**2.** Het octrooibewijs wordt door de directeur van het bureau ondertekend.
Hoofdstuk 2 › § 8
Artikel 24
Artikel 24
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Rijksoctrooiwet 1995· Intellectuele eigendom
Deze tekst geldt sinds 1 maart 2000