**1.** Indien de vaststelling van het te verevenen pensioen op grond van de artikelen 3, 4 of 5 van de wet plaatsvindt na waarde-overdracht en daarbij huwelijksjaren of op grond van artikel 4 van de wet in aanmerking te nemen deelnemingsjaren zijn betrokken die gelegen zijn vóór de waarde-overdracht, bepaalt het overnemende uitvoeringsorgaan het voor de verevening in aanmerking te nemen pensioen door het pensioen op het tijdstip van scheiding te vermenigvuldigen met een breuk waarin de teller gelijk is aan het aantal huwelijksjaren en de noemer gelijk is aan het aantal deelnemingsjaren.
**2.** Indien vaststelling van het te verevenen pensioen op grond van artikel 12, tweede en derde lid, van de wet plaatsvindt na waarde-overdracht, bepaalt het overnemende uitvoeringsorgaan het voor de verevening in aanmerking te nemen pensioen door het pensioen op de datum van ontvangst van de mededeling bedoeld in artikel 12, derde lid, van de wet te vermenigvuldigen met een breuk waarin de teller gelijk is aan het aantal huwelijksjaren en de noemer gelijk is het aantal deelnemingsjaren van de tot verevening verplichte echtgenoot tot de datum van ontvangst van de mededeling of tot de datum van beëindiging van het deelnemerschap in de regeling van het overnemende uitvoeringsorgaan, indien die datum voor de datum van ontvangst van de mededeling ligt.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Regeling voor berekening in geval van waarde-overdracht· Personen- en familierecht
Deze tekst geldt sinds 1 mei 1995