Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Inwerkingtreding Asbest-verwijderingsbesluit

Onderdeel van Uitvoering en handhaving van het asbestbeleid door gemeenten· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 19 juni 1995

Op 17 juni 1993 is het Asbest-verwijderingsbesluit in het Staatsblad gepubliceerd (Staatsblad 1993, 290). Het besluit bevat voorschriften voor de sloop van asbesthoudende materialen uit bouwwerken en objecten. Elke gemeente moest uiterlijk op 17 juni 1994 haar bouwverordening in overeenstemming hebben gebracht met de artikelen in het besluit die betrekking hebben op de sloop van asbest uit bouwwerken, in casu de artikelen 2, 3, 4 en 9, met uitzondering van de artikelen 2 onder h en 3 onder c, die nog niet in werking zijn getreden. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft modelvoorschriften voor het slopen van asbest uit bouwwerken opgenomen in haar (Model-) bouwverordening 1992, 2e serie wijzigingen, d.d. 18 maart 1994. De voorschriften voor het slopen van asbest uit bouwwerken treden in een gemeente pas in werking wanneer deze zijn opgenomen in de betreffende gemeentelijke bouwverordening. De voorschriften van het Asbest-verwijderingsbesluit voor het slopen van asbest uit bouwwerken hebben geen rechtstreekse werking. Mij is helaas gebleken dat een deel van de gemeenten de bouwverordening nog niet met de bovengenoemde artikelen van het Asbest-verwijderingsbesluit in overeenstemming heeft gebracht. Ik wijs deze gemeenten erop dat zij in strijd met het Asbest-verwijderingsbesluit en de artikelen 8 en 9 van de Woningwet handelen. Daarnaast blijken zich in deze gemeenten ook in de praktijk diverse problemen voor te doen. Het is bijvoorbeeld voorgekomen dat sloop van een bedrijfsgebouw moest worden stilgelegd, omdat tijdens de sloop asbest was aangetroffen en het pand verontreinigd bleek met asbestvezels. Op grond van het Asbestbesluit Arbeidsomstandighedenwet moest het pand worden ontruimd en door een deskundig asbestverwijderend bedrijf worden gereinigd. De betrokken gemeente had bij de aanvraag om de sloopvergunning geen onderzoek naar de aanwezigheid van asbest geëist, en had niet als voorwaarde aan de sloopvergunning verbonden dat de sloop van asbest moest plaatsvinden door een deskundig asbestverwijderend bedrijf. Ik dring er bij de betreffende gemeenten dan ook met nadruk op aan, dat zij hun bouwverordening alsnog zo snel mogelijk in overeenstemming brengen met het Asbest-verwijderingsbesluit. Ik wijs de gemeenten die het Asbest-verwijderingsbesluit niet hebben verwerkt in hun bouwverordening er bovendien op dat zij aansprakelijk gesteld zouden kunnen worden voor de kosten die het gevolg zijn van het niet verwerken van het besluit in de bouwverordening, indien de rechter tot het oordeel zou komen dat er sprake is van verwijtbaar gedrag.

Rechtspraak bij dit artikel