Het examen wordt als volgt afgenomen:
de examenvakken, bedoeld in artikel 19, onderdelen a en b, mondeling dan wel schriftelijk;
het examenvak, bedoeld in artikel 19, onderdeel c, mondeling;
de examenvakken, bedoeld in artikel 19, onderdelen d en e, mondeling en praktisch door middel van het maken van drie proefreizen, naar zee gaand en van zee komend, waarvan ten minste één naar zee gaand en één van zee komend, alsmede door middel van een simulatortoets, indien de regionale autoriteit de scheepvaartweg of een gedeelte daarvan vanwege de karakteristiek, de afmetingen en de daarover of daarin gelegen kunstwerken afzonderlijk heeft aangewezen.
Hoofdstuk V
Artikel 21
Artikel 21
Onderdeel van Besluit verklaringhouders Scheepvaartverkeerswet· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2002