Naar hoofdinhoud

Paragraaf

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Regels inzake de financiering van vut-lasten· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1996

1. De vut-bijdrage, ter dekking van de lasten bedoeld in artikel 2, eerste lid, bedraagt een jaarlijks vast te stellen percentage van het inkomen. 2. Het percentage, bedoeld in het eerste lid, wordt op zodanige manier vastgesteld, dat per kalenderjaar de lasten bedoeld in artikel 2, eerste lid zijn gedekt en een vermogensreserve, ter grootte van minimaal 10 procent van de uitgaven van het Vut-fonds per kalenderjaar, in stand wordt gehouden. Daarbij wordt voorts rekening gehouden met de opbrengst van de beleggingen van die vermogensreserve. 3. De vut-bijdrage voor een werknemer in een deeltijddienstverhouding bedraagt, gedurende de periode waarvoor een deeltijdfactor is vastgesteld, de in het eerste lid bedoelde vut-bijdrage vermenigvuldigd met die deeltijdfactor. 4. Gedurende de periode van 1 januari 1996 tot 1 januari 2001 is de werkgever, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onderdeel a, van het pensioenreglement, dat deel van de vut-bijdrage niet verschuldigd dat overeenkomt met de in artikel 6, tweede lid, aangegeven verlaging van het vut-bijdrageverhaal. 5. Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing, indien dit is bepaald in de verklaring bedoeld in artikel 5, eerste lid van de vut-overeenkomst. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel