Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Regeling rijksbijdrage exploitatie Westerscheldeveerdiensten 1995· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 maart 1996

1. De provincie zal zich tot het uiterste inspannen om bij het aannemen van personeel de verplichtingen voortvloeiende uit de rechtspositie van het personeel van de Provinciale Stoombootdiensten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, tot een minimum te beperken. 2. De provincie zal zich tot het uiterste inspannen om voor de werknemers van de Provinciale Stoombootdiensten, bedoeld in artikel 3 van het Sociaal Statuut opheffing PSD, afgekondigd in Provinciaal blad van Zeeland nr. 9 van 1992 op 28 januari 1992, zo spoedig mogelijk een andere betrekking te vinden. 3. Een jaar voor de ingebruikneming van de vaste oeverbinding zal de provincie aan de minister rapporteren over de uitvoering van het eerste en tweede lid alsmede over het verloop en de berekeningen van de verplichtingen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b. 4. Naar aanleiding van de rapportage, bedoeld in het derde lid, zal er overleg plaatsvinden tussen de minister en de provincie waarbij afwijkingen van de berekeningen en de daarbij gehanteerde uitgangspunten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, zullen leiden tot verrekening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel