Voor de vervaardiging van kaaskorstbedekkingsmiddelen, bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 3, eerste lid, 4, eerste lid, en 5, eerste lid, mogen sorbinezuur – kaliumsorbaat (E 200 – E 202), natamycine (E 235) en propionzuur – propionaten (E 280 – E283) worden gebruikt onder de voorwaarden die bij of krachtens verordening (EG) 1333/2008 zijn gesteld aan het gebruik ervan in gerijpte kaas.
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Warenwetregeling kaaskorstbedekkingsmiddelen· Levensmiddelenrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026