**1.** Gedeputeerde staten, het dagelijks bestuur en burgemeester en wethouders stellen jaarlijks een voortgangsrapportage op en dienen deze voor 1 oktober van elk jaar bij de minister in.
**2.** De jaarlijkse voortgangsrapportage dient te bestaan uit een overzicht, waaruit blijkt:
welke projecten reeds eerder in gebruik zijn genomen en waarvoor inmiddels een betaling plaatsvindt;
welke projecten worden gereedgemeld, en daardoor voor een betaling
in aanmerking komen;
van welke projecten de werkzaamheden zijn gestart;
van welke projecten de voorbereiding nog moet starten.
**3.** De voortgangsrapportage wordt opgesteld overeenkomstig de bij deze regeling behorende bijlage 4.
Paragraaf IV
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Regeling 'Extra investeringsimpuls infrastructuur in het stads- en streekvervoer'· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 23 december 2000