Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 19

Artikel 19

Onderdeel van Oorlogswet voor Nederland· Staats- en bestuursrecht

Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden. 1. Het militair gezag is bevoegd te beschikken over de inrichtingen van telecommunicatie, onder zo spoedig mogelijke verstrekking van een schriftelijk bewijsstuk. 2. Het militair gezag is bevoegd van de wettelijke bepalingen omtrent de telecommunicatie af te wijken, dan wel deze bij verordening voor zolang dat nodig is buiten werking te stellen en zelf ter zake een tijdelijke regeling te geven. 3. De in het tweede lid bedoelde bevoegdheid strekt zich niet uit tot bepalingen betreffende het afluisteren, aftappen of opnemen van niet voor het publiek bestemd gespreksverkeer via telecommunicatienetwerken en het stellen van regels ten aanzien van de inhoud van radio- en televisieprogramma’s en het toezicht daarop. De wijziging is in werking getreden op 15 december 1998 (Stb. 1998/664).

Rechtspraak bij dit artikel