In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
de WOTOP: de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies zoals die luidde op de dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van deze wet;
de Wet BOL: de Wet brutering overhevelingstoeslag lonen;
de WML: de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag;
de WW: de Werkloosheidswet;
de ZW: de Ziektewet;
de WAO: de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
de AAW: de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet;
de IWS: de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid;
de TW: de Toeslagenwet;
de WAMil: de Wet Arbeidsongeschiktheidsvoorziening Militairen;
dienstbetrekking: de dienstbetrekking en de arbeidsverhouding die als zodanig wordt beschouwd ingevolge het bepaalde bij of krachtens de WW, de ZW en de WAO;
vervaljaar: het krachtens artikel 9 van de Wet BOL vastgestelde jaar met ingang waarvan de verplichting tot betaling van een overhevelingstoeslag komt te vervallen.
Treedt in werking m.i.v. 1 januari van een krachtens art. 9,
tweede lid, van de Wet Bol bepaalde jaar.
Treedt in werking als de wet zelf in werking treedt.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Wet gevolgen brutering uitkeringsregelingen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2001