Aan de aanvrager van een rijbewijs, die blijkens de ten behoeve van hem in het rijbewijzenregister geregistreerde verklaring van geschiktheid slechts een motorrijtuig kan besturen dat aan bepaalde eisen voldoet dan wel slechts een motorrijtuig kan besturen indien hij gebruik maakt van kunst- of hulpmiddelen, wordt een rijbewijs afgegeven dat slechts geldig is voor het besturen van een motorrijtuig dat aan die eisen voldoet dan wel indien de aanvrager bij het besturen gebruik maakt van die kunst- of hulpmiddelen. In het rijbewijs is deze beperking aangeduid met een bij ministeriële regeling vastgestelde codering.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen A, B, C, D tot en met K, L, M, N, O, P en Pa van de Wijzigingswet Wegenverkeerswet 1994 (wijziging procedure aanvraag en afgifte rijbewijzen) (Stb. 2006/321) in werking treedt.
Hoofdstuk I › § 6
Artikel 16
Artikel 16
Onderdeel van Reglement rijbewijzen· Vervoersrecht
In werking sinds 1 oktober 2006