Naar hoofdinhoud

Artikel II

Aanpassing verrekeningsbedrag inwoning per 1 juli 1996

Onderdeel van Aanpassing voorschriften ingevolge het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel (1996)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 24 juni 1996

In verband met de aanpassing van huren per 1 juli 1996 wordt het maximale verrekeningsbedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van inwoning, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel met 4% verhoogd. Hierdoor wordt het betreffende verrekeningsbedrag voor inwoning per 1 juli 1996 vastgesteld op f 355,00 (was f 341,00). De bedragen van de huurwaarde van dienstwoningen, die mede van belang zijn ter uitvoering van artikel 3, tweede lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, dienen naar van de zijde van de Belastingdienst is vernomen per 1 juli 1996 eveneens met 4% te worden verhoogd. Woningen welke op of na 1 juli 1995 gereed zijn gekomen vallen buiten deze verhoging. In afwijking van het vorenstaande dient een extra huurverhoging in aanmerking te worden genomen in gevallen waarin de economische huurwaarde van een dienstwoning, behalve door de algemene verhoging van 4%, mede door andere factoren is beïnvloed, bijvoorbeeld als gevolg van een door of vanwege de inhoudingsplichtige aangebrachte verbetering aan de dienstwoning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel