Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Het standpunt van het kabinet inzake het MDW-advies Wet geluidhinder

Onderdeel van MDW-operatie Wet Geluidhinder· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 18 december 1996

Het advies van de MDW-werkgroep Wet geluidhinder wordt door het kabinet in principe onderschreven. De voorstellen sluiten goed aan bij het streven van het kabinet om te komen tot een versterking van de externe integratie van het milieubeleid. Hierbij past dat er meer ruimte komt voor en een groter beroep wordt gedaan op eigen verantwoordelijkheid van de betrokken partijen. Ook het streven naar grotere beleidsvrijheid van de andere overheden speelt daarin mee. Voor wat betreft de verdere beoordeling van het advies maakt het kabinet een onderscheid tussen het voorstel voor de bevoegdhedenverdeling en de overige onderwerpen. Het kabinet kan zich in principe vinden in het voorgestelde bevoegdhedenmodel. Wel is het kabinet van oordeel dat dit model ingrijpende en verregaande wijziging van de bestaande verantwoordelijkheden zal betekenen. Naar het oordeel van het kabinet zijn thans nog niet alle consequenties van deze keuze te voorzien. Daarom is er een uitwerkingsfase nodig, dient de discussie over dit model met de betrokken actoren nog verder te worden gevoerd en zal via experimenten in het kader van het Project Stad en Milieu ervaring opgedaan worden. Bij brief d.d. 8 juli 1996 (DGM/B/Mbb 96036088), gericht aan alle gemeenten, heb ik gemeenten uitgenodigd om projecten te melden waarin met de Stad-en-Milieu-benadering kan worden geëxperimenteerd. Het zal hier nadrukkelijk ook kunnen gaan om experimenten waarin geluidhinder een belangrijke rol speelt. Kortheidshalve wil ik u hiervoor verwijzen naar de reeds genoemde brief en het daarbij gevoegde Beleidskader experimenten Stad en Milieu. Voor het standpunt van het kabinet over de overige onderwerpen van het MDW-advies verwijs ik u naar de bijgevoegde brief aan de voorzitter van de Tweede Kamer.

Rechtspraak bij dit artikel