Onder leefvoorzieningen die betrekking hebben op de kosten verbonden aan op zich normale huishoudelijke uitgaven worden verstaan:
de financiële vergoeding van de kosten van:
de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp voor zover deze hulp door een instelling voor gezinsverzorging kan worden verleend;
de factuur in verband met de indicatiestelling van de onder 1, bedoelde instelling;
de extra huurkosten van een woning indien betrokkene voor het eerst zelfstandig gaat wonen en deze kosten een bedrag van 12% van het bruto jaarinkomen overschrijden. Voor verlenging van de voorziening kan betrokkene jaarlijks een verzoek hiertoe indienen.
de financiële tegemoetkoming in de kosten van:
het zelf inhuren van huishoudelijke hulp volgens een jaarlijks vast te stellen uurloon indien de in onderdeel a, onder 1, bedoelde instelling deze hulp niet kan leveren;
de extra slijtage van de kleding, schoeisel en het beddengoed;
de vervanging van een garderobe in verband met de invaliditeit van de betrokkene;
de extra verwarming en elektriciteit;
de financiële tegemoetkoming in de premiekosten met betrekking tot:
een ongevallenverzekering, voor zover deze de risico’s, verbonden aan het uitgeoefende beroep, dekt;
een verzekering ter verkrijging van een periodieke uitkering wegens inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid;
een levensverzekering ten behoeve van nabestaanden;
een pensioenverzekering ten behoeve van een nabestaandenpensioen;
een verzekering van het WAO-hiaat.
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Voorzieningenregeling voor militaire oorlogs- en dienstslachtoffers· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 24 juni 2015