Rechtstreeks toegang tot de registratie en zelfstandige raadpleging van de daarin opgenomen persoonsgegevens is, voor zover nodig voor de uitoefening van hun taak en met inachtneming van het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld, voorbehouden aan:
de houder, indien dit noodzakelijk is in verband met zijn algemene verantwoordelijkheid als houder;
medewerkers van het LBIO die door de houder bevoegd zijn verklaard tot kennisneming van de registratie;
andere door de houder, met inachtneming van de Wet persoonsregistraties, daartoe aangewezen personen;
de door de bewerker daartoe aangewezen personen, voorzover een goede werking van de registratie hun toegang vereist.
Paragraaf 4
Artikel 10
Rechtstreekse toegang tot de registratie
Onderdeel van Privacyreglement LBIO· Personen- en familierecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1997