Voor de toepassing van deze regeling wordt begrepen onder:
personen die deel uitmaken van of werkzaam zijn voor de krijgsmacht:
Nederlandse en niet-Nederlandse militairen in werkelijke dienst;
burgerambtenaren in dienst van de Minister van Defensie, belast met de uitoefening van de beveiligings- of bewakingstaak;
burgerambtenaren in dienst van de Minister van Defensie, werkzaam bij een materieelbeproevings- of onderhoudsafdeling danwel werkzaam bij een schietinrichting, depot of vervoersdienst van wapens en munitie;
burgerambtenaren in dienst van de Minister van Defensie, werkzaam als explosievenspring- of schietinstructeur;
civiele contractspartijen, voor zover deze door de Minister van Defensie zijn belast met het vervoer van wapens of munitie;
civiele contractspartijen, voor zover deze door de Minister van Defensie zijn belast met explosievenspring- of schietinstructie;
vrijwilligers werkzaam bij een door Defensie erkende historische wapen- of dienstvakcollectie, regimentsverzameling, traditiekamer of bij de rekwisietencommissie Koninklijke landmacht, bestaande uit:
burgerambtenaren in dienst van de Minister van Defensie,
voormalig defensiepersoneel dat als vrijwilliger is geregistreerd in het personeelssysteem.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Regeling wapens en munitie krijgsmachtpersoneel 1997· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 4 januari 2024