**1.** Vloeren van arbeidsplaatsen zijn zo veel mogelijk vrij van oneffenheden en gevaarlijke hellingen en zijn voorts zo veel mogelijk vast, stabiel en stroef.
**2.** Het oppervlak van vloeren, muren en plafonds van arbeidsplaatsen is zodanig, dat deze ten behoeve van de hygiëne op de arbeidsplaats kunnen worden schoongemaakt en onderhouden.
**3.** Besloten ruimten waar arbeid wordt verricht zijn, rekening houdend met de aard van de werkzaamheden en de te leveren fysieke belasting, voldoende thermisch geïsoleerd.
**4.** Transparante of lichtdoorlatende wanden van arbeidsplaatsen zijn, voor zover mogelijk in verband met de aard van de arbeidsplaats:
duidelijk gemarkeerd en van veiligheidsmateriaal vervaardigd, of
op een zodanige wijze aangebracht of afgeschermd dat de werknemers niet gewond kunnen raken.
Artikel 4.8, tweede en zesde lid, treedt voor zover het de
aanwezigheid van het certifcaat van vakbekwaamheid betreft, in
werking op 1 oktober 1997.
Hoofdstuk 3 › Afdeling 1 › § 4
Artikel 3.11
Vloeren, muren en plafonds van arbeidsplaatsen
Onderdeel van Arbeidsomstandighedenbesluit· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1997