Duikarbeid, caissonarbeid en overige arbeid onder overdruk worden verricht door een persoon, die in een zodanige lichamelijke en geestelijke toestand verkeert, dat hij in staat is de gevaren, die zijn verbonden aan de door hem te verrichten arbeid, te onderkennen en zo mogelijk te voorkomen of te beperken.
Artikel 4.8, tweede en zesde lid, treedt voor zover het de
aanwezigheid van het certifcaat van vakbekwaamheid betreft, in
werking op 1 oktober 1997.
Hoofdstuk 6 › Afdeling 5
Artikel 6.14
Geschiktheid
Onderdeel van Arbeidsomstandighedenbesluit· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1997